|








|
De
werken van Georg Glaser zijn complex en laten zich niet in één
oogopslag doorgronden.
De taal van vorm en kleur
Allereerst is er de taal van vorm en kleur: op een kleurrijke achtergrond,
versierd met gevarieerde beeldmotieven, of soms ook met architectuurachtige
silhouetten, komen figuren te voorschijn, geschetst met enkele streken
kleur, zonder eigen dikte, die de kleuren van de ondergrond laten verschijnen.
Vaak wekken andere figuren, met strepen van een andere kleur of met een
schimmenspel geschilderd, een achtergrond tot leven. Geen enkel spoor
van geometrische perspectief en toch bespeuren we diepte in de compositie,
en dit dankzij de samenhang van kleuren, dankzij de schaduwen, dankzij
de afmetingen van de vormen.
De tekening is levendig, hoekig, uiterst schematisch maar altijd efficiënt.
Vaak herinnert hij ons aan de Duitse expressionisten van 'Die Brücke'.
Soms laten zijn silhouetten ons onweerstaanbaar denken aan sommige Duitse
neo-expressionisten, soms ook komen de Fauvisten of Picasso bij ons in
gedachte. Feitelijk zal Georg Glaser zich niet laten opsluiten in een
stijl of een stroming, hoe voortreffelijk of beroemd die ook zijn.
Een persoonlijke iconografie
De beeldmotieven van Georg Glaser zijn talrijk, gedeeltelijk ontleend
aan de kunst van de prehistorie of de primitieve kunsten, die hij grondig
heeft kunnen onderzoeken tijdens zijn opleiding in etnologie en archeologie
of soms ook ontleend aan zijn talrijke reizen in de landen rond de Middellandse
Zee of in Latijns-Amerika. Net zo vaak zien we een boom verschijnen, een
ladder (waarvan de beklimming tot het sociale welslagen zou leiden...
maar de treden zijn vaak gebroken), een wiel dat de mens zou moeten bevrijden
van lichamelijke inspanning, een spiraal, dieren met symbolische waarde
(zoals de schildpad, een duif, een slang...), enz.
De thema's in het werk van Georg Glaser
Al deze schildermiddelen worden gebruikt om ons discussiethema's te opperen
over onze verhouding met de wereld en met de Natuur, met de andere mannen
en met de vrouw, met onze geschiedenis en onze cultuur...
- Het moderne leven: in 'Hip
Hop Generation' en 'Confetti'
treden figuren op die feest lijken te vieren. Alles gaat goed. Maar die
witte figuren met vertrokken gezichten op de achtergrond van 'Confetti',
zouden die ons niet laten zien dat achter deze vrolijke façade
lastige realiteiten op ons wachten?
- Onze verhoudingen met de Natuur: 'Biker'
is er al een eerste voorbeeld van: tegen het gekrioel van de auto's op
autowegen wordt verzet gepleegd door de fiets, waarvan de gebruikersvriendelijkheid
wordt verduidelijkt door het frame in de vorm van een vrouw (maar zullen
sommigen daar niet een teken van machogedrag in zien?).
Met 'Erika'
komen we in het drama van de ecologische rampen: aardolievlekken ontsnappen
uit de olietanker en vervuilen de zee, de vrouw huilt om de verloren zuiverheid
van de Natuur, terwijl de visser nog een besmette vis oppakt.
In 'Ce
n'est pas si grave que çà!' (Zo erg is dat toch
niet!) zien we, voor een achtergrond van fabriek- en schoorsteensilhouetten
een kind en een vrouw, vermoedelijk zijn moeder, naar een koe staren.
Niets bijzonders, behalve dat de koe gemuteerd is en nu een panterhuid
heeft gekregen. Maar laten we ons geen zorgen maken: zo erg is dat toch
niet, niet waar ?
- Het geweld en de oorlog: op een koude achtergrond, waartegen zich blauwe
bomen en een verstrengeling van zwarte silhouetten scherp aftekenen, waar
men hier een lans, daar een schild ontwaart. De mannen bereiden zich voor
op de oorlog, terwijl de hevig geschrokken duiven in alle richtingen wegvliegen
en de vrouw reeds het nabije onheil voorziet.
Maar wanneer zal de Mens het ooit begrijpen, 'Wann
wird Mann je verstehn?'
Hetzelfde thema wordt met dezelfde koude kleuren behandeld in 'Taubenjagd'
(De duivenjacht).
Op een even sobere wijze zijn de drama's van de oorlog opgeroepen in 'Allein
unter Helden' (Alleen onder helden): de vrouw is weer alleen,
tussen de figuur van een strijder en een begraafplaats met een erg militaire
ordening. Een soortgelijk contrast met het hoofdthema wordt gevormd door
een boom, een slang of een schildpad (symbool van levensduur: de oorlogsdomheid
blijft eeuwig en trouwens, de vrouw lijkt zwanger te zijn. De vernieuwing
van generaties en dus van de menselijke drama's wordt gegarandeerd).
- De vrouw: men heeft het reeds gezien, overal in het werk van Georg Glaser
is de vrouw aanwezig. Zij is eveneens het hoofdonderwerp van talrijke
schilderijen. Het zijn odalisken die onmiddellijk aan Matisse doen denken
(zoals in 'Immer
schön am Teppich bleiben' (altijd braaf op het tapijt blijven),
het is eveneens de lange reeks van 'Small European Nude' (Klein
Europees naakt ), waarvan nummers 38
en 43
op deze website worden afgebeeld.
Ten slotte haalt Georg Glaser tevens onderwerpen voor schilderijen uit
de mythologie ('Ariane'),
uit de literatuur met citaten van Brecht of van Grimm ('Eisenhans'),
uit de folklore ('Heidewitzka,
Herr Kapitän', volkslied uit de Rijnse folklore), enz.
Maar 'Que
la fête continue' (laat het feest doorgaan), de mensheid
zal zich nog steeds druk blijven maken zoals ze het altijd gedaan heeft,
en de slang is bereid klaar om zich in zijn staart te bijten zoals Ouroboros,
de koning-slang, symbool van de schepping en het universele leven.
|
|